langs de paden

Een buitenblog over de eikenprocessierups, het herstellen van natuurlijk evenwicht en de kracht van klimop.

Het was zo’n heerlijke zomerdag, ergens vorig jaar. Mijn kleinzoon van vier speelde om ons huisje en vroeg of we gingen fietsen. Het leek me een heel goed idee. Ik pakte de fiets, hees hem achterop en we fietsten richting Noordlaren.

Het mooie landschap werd hier en daar ontsierd door rode linten met de tekst: ‘Pas op, processierups.’ Het viel me op dat er onder de bomen netjes gemaaid was. Maar al gauw genoot ik weer van de omgeving en van de vrolijkheid van mijn kleinzoon achterop. Het leven kan zo goed zijn. Helemaal omdat we dadelijk bij de groentekwekerij ook nog eens lekkere biologische bessen zouden halen, waarvan we samen heerlijk zouden smullen.

Het waaide een beetje. Net toen we weer langs een boom reden, voelde ik een windvlaagje. En met dat windvlaagje had ik ineens een huilend jongetje achterop. Ik stapte af en zag dat hij rode, prikkende ogen had. Gelukkig had ik veel water bij me en kon ik zijn oogjes voorzichtig deppen.

Op mijn eigen arm begon het ondertussen te jeuken en te branden. In de uren daarop kwamen er op mijn huid steeds meer bultjes. Gelukkig had ik mijn kleinzoons ogen goed gespoeld, maar ook op zijn wangetjes verschenen kleine bultjes. Het duurde een paar dagen voordat alles weer verdwenen was. Kijk, dat is nou de eikenprocessierups! Een ervaring rijker, maar ik had hem liever overgeslagen.

Natuurlijk evenwicht

Bij ons op Buitenlust werden we ook opgeschrikt door deze rups. In feite is het een insect dat hier gewoon thuishoort: een nachtvlinder, en tevens voer voor heel veel vogels. Niets mis mee, toch? En eigenlijk klopt dat ook. Het gaat, zowel bij mens als dier, simpelweg om overleven. Zij voelen zich bedreigd en hebben een heel effectieve afweer: het afschieten van microscopisch kleine brandharen. Als de natuur in evenwicht is, heb je er nauwelijks last van.

De laatste jaren is het echter een groter probleem geworden. In principe geldt: als er geen verstoring is, is er evenwicht. Dan is er van niets te veel en van alles genoeg. Helaas zijn wij mensen, als natuurlijk wezen, bij tijd en wijle nogal een stoorzender voor dit oerprincipe.

In ons park zijn gelukkig al heel wat koolmeeskastjes geplaatst. Koolmeesjes zijn namelijk dol op processierupsen! En koolmeesjes — net als heel veel andere vogels — zijn ook dol op Hedera (klimop), de klimplant die hier veel tegen de bomen op klimt. Ze eten de besjes, bouwen er hun nestjes in en kunnen zich er beschut verstoppen als ze een lekker rupsje willen oppeuzelen.

De lessen van Drenthe

Op 16 juni liepen wij mee met een ongelofelijk leuke, gezellige en vooral leerzame wandeling van Landschapsbeheer Drenthe. Uiteraard kwam ook daar de processierups aan de orde.

We stonden bij de prachtige eikenboom bij de slagbomen van Park 2 — de boom waar een blauwe streep op is geschilderd. Ik leerde die dag dat zo'n blauwe streep betekent dat de boom absoluut niet gekapt mag worden, wat mij meteen een enorm ontzag voor deze reus gaf. Maar daarover later meer.

Daar op die plek werd ons uitgelegd dat je beter niet strak om de stammen van bomen heen kunt maaien. De processierups heet immers niet voor niets processierups: ze trekken in een lange rijtje op naar de volgende boom. Als je het gras en de begroeiing rond de boom hoog laat, komt de rups onderweg allerlei andere insecten en dieren tegen die hem maar al te graag lusten. Zo kunnen ze hun weg niet zomaar vervolgen en maken ze minder snel een nieuw nest. Dat deed mij deugd! Ikzelf ben toch al niet iemand die van maaien houdt, en als dat ook nog eens een win-winsituatie oplevert, maak ik graag een rondedansje door de tuin.

De kracht van Hedera

Een ander hulpmiddel dat de gids noemde, en waar vaak discussie over bestaat, is Hedera. Veel mensen denken — en dat dacht ik vroeger zelf ook — dat deze klimmer bomen verstikt. Maar dat is dus niet zo! Deze plant kan uitstekend samenleven met een boom. Hij biedt beschutting aan talloze vogels en nuttige insecten en, niet onbelangrijk: hij helpt de processierups in toom te houden.

Ik kwam blij en opgetogen thuis. Als we het bos weer meer bos laten zijn en de wijsheid van de natuur volgen — minder maaien om de bomen, de Hedera zijn gang laten gaan — dan houdt de natuur zichzelf in balans. Dan wordt die vervelende rups, die wij mensen liever kwijt dan rijk zijn, gewoon weer een koningsmaal voor de vogels.

En dan hoeven we in de toekomst geen bestrijders meer in te huren om de nesten weg te halen, maar lost de natuur het zelf op. Geen brandende bulten meer voor ons, en wie weet zingt de wielewaal hier binnenkort wel weer haar mooiste lied.

 

Zorg dragen voor moeder aarde

Met menselijke hebzucht en haast snijden we onszelf uiteindelijk in de vingers. In mijn columns voor Buitenlust – en als belangrijke rode draad in mijn boek De discipel in de zandbak – onderzoek ik hoe we weer leren zorgen voor elkaar en voor de wereld om ons heen. Het bos wijst ons de weg terug naar wie wij in wezen zijn. 

Maak jouw eigen website met JouwWeb